Eetstoornissen

Les critères de diagnostic des différents troubles alimentaires

Anorexia nervosa

annorexia

4 critères pour diagnostiquer l’anorexie mentale (DSM-V)   :

  • Restriction alimentaire, poids corporel souvent significativement bas (IMC < 17,5 kg/m2).
  • Peur intense de prendre du poids.
  • Altération de la perception de soi (refus de reconnaître sa maigreur)
  • Faible estime de soi.

La prévalence de l’anorexie mentale chez les jeunes femmes varie entre 1 et 2% alors que chez les hommes, elle est estimée entre 0,25% et 0,3%.

Boulimia nervosa

boulimia nervosa

3 critères pour diagnostiquer la boulimie (DSM-V) :

  • Accès boulimiques récurrents (min. 1x/semaine pendant 3 mois).
  • Comportements compensatoires inappropriés et récurrents (min. 1x/semaine pendant 3 mois).
  • Estime de soi influencée de manière excessive par le poids et la forme corporelle.

bedraagt ongeveer 1,5% bij 11 tot 20-jarigen en treft ongeveer drie meisjes voor elke jongen. De ernst van de stoornis varieert. In het algemeen is de aanvang van de ziekte iets later dan bij anorexia nervosa, gemiddeld rond de leeftijd van 19-20 jaar. In bijna de helft van de gevallen ontwikkelt boulimia nervosa zich opvolgend aan of geassocieerd aan anorexia nervosa.

Binge eating disorder

syndrome d'hyperphagie

3 critères pour diagnostiquer l’hyperphagie (DSM-V) :

  • Crises de boulimie au moins 1 fois/semaine pendant 3 mois.
  • Sentiment de manque de contrôle sur l’alimentation.
  • ≥ 3 des critères suivants doivent être présents :
    • Manger:
      • plus rapidement que la norme ;
      • jusqu’à se sentir mal à l’aise ;
      • de grandes quantités en l’absence d’une sensation de faim physique ;
      • de manière isolée à cause du sentiment de honte ;
      • Ressentir du dégoût, se sentir déprimé ou coupable d’avoir trop mangé.

L’hyperphagie boulimique est fréquente (3 à 5 % de la population) et concerne presque autant les hommes que les femmes. Elle est plus souvent diagnostiquée à l’âge adulte, mais il existe aussi des formes précoces souvent plus sévères.

    Eetstoornissen kunnen beginnen als banale bekommernissen over de lichaamsvorm. Zo let 19% van de adolescente meisjes op hun gewicht, vergeleken met 8% van de adolescente jongens.
    Als eetstoornissen zich vroeger in de ontwikkeling voordoen en verband houden met omgevingsfactoren en stress kunnen ze lang aanhouden, met gevolgen voor de lichamelijke en psychologische ontwikkeling van jongeren. Er zijn vier soorten eetstoornissen.

    Het doel van onze site is om je informatie te geven over symptomen, de oorzaken en behandelingen voor eetstoornissen. De website biedt ook opleidingen voor psychologen en diëtisten die zich wensen op te leiden in de aanpak van eetstoornissen.

    Vermoed je dat je patiënt een eetstoornis heeft?

    Via de SCOFF-vragenlijst kan je een eerste evaluatie uitvoeren door de 5 vragen te beantwoorden.

    Vind hulpverleners gekwalificeerd voor de behandeling van eetstoornissen. Via onze lijst van specialisten kan u psychologen en diëtisten met consultaties in Brussel terugvinden.

    Kom meer te weten over de sensibiliseringscampagne rond eetstoornissen. De campagne heeft als doel om:

    • Jongeren aanmoedigen om over hun moeilijkheden te praten
    • Ouders informeren over het zorgtraject eetstoornissen
    • Zorgverleners sensibiliseren ter verbetering van de ondersteuning van hun patiënten

    Obesitas of pediatrische eetstoornis

    Ook kinderen van 2 tot 17 jaar die lijden aan obesitas hebben recht op terugbetaalde zorg via het zorgtraject obesitas. Afhankelijk van de noden wordt een begeleiding opgestart ofwel door een diëtist ofwel door een multidisciplinair ambulant team ofwel door een gespecialiseerd residentieel centrum.

    Ook als je kind tussen 0 en 12 jaar oud niet in staat is om via de mond te eten vanwege een pediatrische eetstoornis, is er een pediatrisch zorgtraject beschikbaar.

    Maak een afspraak met je huisarts of kinderarts om de situatie te beoordelen en de beste aanpak te bepalen.